De diagnose

Om tot een goede diagnose en behandeling te komen maakt de podoposturaal therapeut/register podoloog gebruik van diverse meetmethodes zoals de podobaroscoop (een voetspiegel waarop u de onderkant van uw voeten ziet met de voetafdrukken) en de FLUXAN. De FLUXAN is een computergestuurd instrument dat de afwijking in de houding nog uitgebreider laat zien. Het effect van het aanbrengen van elementen onder de voet ziet u gelijk terug op de FLUXAN. Uw houding verandert direct. Deze elementen worden in uw therapiezolen geplaatst.

Afhankelijk van wat de aard van de klachten zijn worden er podologische- of podoposturaaltherapeutische zooltjes geadviseerd en aangemeten en/of siliconenortheses gemaakt. Dit zijn corrigerende en/of beschermende technieken die zich richten op het voorkomen en behandelen van voetklachten en stoornissen in de voet.

Klachten aan het houding- en bewegingsapparaat ( bijvoorbeeld: specifieke rug- en nekklachten) die door voetklachten worden veroorzaakt kunnen door podologie of podoposturaal therapie worden behandeld. Veel voetklachten komen voor bij platvoeten en holvoeten.

Gewoonlijk volgen na het eerste onderzoek met tussenpozen van enkele weken of maanden drie tot vier controles, gevolgd door jaarlijkse controles.
De zooltjes kunnen een tijdelijk karakter hebben afhankelijk van welke aard de klacht is. Als de gestimuleerde spiergroepen zich hebben hersteld, de houding is verbeterd en de klachten zijn verdwenen, kunnen de zooltjes in overleg met de podoposturaal therapeut/register podoloog worden weggelaten.

Siliconenortheses

Doel van siliconenortheses is het corrigeren van standafwijkingen en verkrommingen van de tenen.
Siliconenortheses worden gemaakt voor tenen die niet "recht" staan.

Diabetische of reumatische voeten

Bent u diabetes of reumatisch dan kunt u voor houding- en voetklachten ook terecht bij de podoposturaal therapeut/register podoloog. Bij het vervaardigen van de zolen wordt dan ook rekening gehouden met het ziektebeeld van een patiënt.